Het beleid per diercategorie

Voor alle diersoorten gelden vijf vrijheden die samen bepalend zijn voor hun welzijn. Zij moeten vrij zijn:

 

  • van dorst, honger en onjuiste voeding;
  • van fysiek en fysiologisch ongerief;
  • van pijn, verwondingen en ziektes;
  • van angst en chronische stress;
  • om hun natuurlijke (soorteigen) gedrag te vertonen.

Verschillende diersoorten worden voor verschillende doeleinden en in verschillende omstandigheden gehouden. Daarom zijn de regels die zijn gesteld per diersoort verschillend.

Bron: www.minlnv.nl